Algemene pagina

Impressie RO vergadering

MUTATIE RAYONOFFICIER

Kees Veldkamp, rayonofficier van Zee­land, droeg op 16 april 2019 zijn functie over aan Charles Lelkens, ktzarts b.d. Hij vervulde deze functie vanaf 4 okto­ber 2004. Het bestuur bedankt hem voor zijn jarenlange inzet voor het rayon. Het wenst zijn opvolger veel suc­ces bij de uitoefening van zijn nieuwe functie.



BIJEENKOMST RAYONOFFICIEREN

We noemen het de Bijeenkomst rayonofficieren, afgekort RO-bijeenkomst, maar het is in feite de halfjaarlijkse ontmoe­ting van het bestuur met de rayonofficieren, hun plaatsver­vangers en alle andere kaderleden. De laatste bijeenkomst vond plaats op 9 april 2019 op het Bouw & Infra Park Harder­wijk. Als je het ontstaan van die congres- en evenementenlo­catie niet kent krijg je bij binnenkomst het gevoel dat je een voormalig kazernetrein betreedt. Dat gevoel bedriegt niet. We bevinden ons op het terrein van de voormalige Willem George Frederik-kazerne, voor officieren van de ook al voor­malige 4e Divisie bekend terrein. Theo Berkhout geeft een boeiende presentatie met foto’s over de geschiedenis van de WGF-kazerne.
Omdat Marcel Celie is verhinderd wordt de vergadering voorgezeten door vicevoorzitter Jan de Jong. Hij bespreekt en bediscussieert de onderwerpen die momenteel in het bestuur spelen, zoals bestrijding van eenzaamheid, al dan niet afbouwen van het vermogen van de KVEO en alternatieven voor de nieuwjaarsbijeenkomst. Hij huldigt een tweetal jubi­larissen, namelijk Harry Genders die 20 jaar plaatsvervan­gend rayonofficier Limburg-Zuid is en Douwe Brouwer die 10 jaar plaatsvervanger is in ’t Gooi/’t Sticht. 



Het volgende komt niet van Theo maar van mij (MH). Willem George Frederik van Oranje-Nassau (1774 -1799) was de jongste zoon van stadhou­der Willem V en de broer van koning Willem I der Nederlanden. Na zijn militaire opleiding maakte hij een bliksemcarrière. In 1792 verleenden de Staten-Generaal hem de rang van luitenant-gene­raal der cavalerie en grootmeester der artillerie. In 1794 werd hij benoemd tot generaal der cavale­rie. Hij bleek een bezielend aanvoerder en stond meestal in de voorste gelederen. Tegenwoordig noemen we dat jeugdige onbezonnenheid.
In 1796 nam hij in het Oostenrijkse leger dienst met de rang van generaal-majoor. In 1797 werd hij benoemd tot luitenant-veldmaarschalk en in 1798 werd hij opperbevelhebber van het Oostenrijkse leger in Italië, dat hij voorbereidde op de strijd te­gen de Fransen.
Hij had de nobele gewoonte zieken uit het leger te bezoeken. Mogelijk is hij daarbij besmet geraakt met een virus. In de nacht van 5 op 6 januari 1799 stierf hij.
Zijn “leven na de dood” verliep even tumultueus. Hij werd bijgezet in de kruisgang van het klooster in Padua. In 1815 werden zijn stoffelijke resten overgebracht naar een nieuw graf bij de Heremie­tenkerk. Hij mocht niet in de kerk worden begra­ven omdat hij protestant was. In 1820 werd het stoffelijk overschot alsnog in de kerk herbegra­ven. In 1896 bewerkstelligde koningin Emma dat de prins werd overgebracht naar de Nieuwe Kerk in Delft. Een marineschip bracht het stoffelijk over­schot naar Nederland.




ga terug